De Wtp-transitie: De lessen van Bas van Ooijen (Pensioenfonds Horeca & Catering)

De Wtp-transitie: De lessen van Bas van Ooijen (Pensioenfonds Horeca & Catering)

Pensioenstelsel

Bas van Ooijen, Head of Investment Management, Pensioenfonds Horeca & Catering, maakte op 1 januari 2026 de overstap naar het nieuwe pensioenstelsel. Hij deelde zijn ervaringen met Financial Investigator.

Door Esther Waal

Hoe is de transitie verlopen?

‘De transitie naar de nieuwe pensioenregeling was een intensief traject waarvan de ‘vermogenstransitie’ slechts één onderdeel was. Het startpunt van die vermogenstransitie vormde de vaststelling van een leeftijdsafhankelijk beleggingsbeleid dat past bij de risicohouding van de deelnemers. Vervolgens is een transitie-beleggingsbeleid opgesteld om op beheerste wijze de overstap te maken van de oude beleggingsmix naar de beoogde beleggingsmix. Het was een lange periode van zorgvuldige voorbereiding. De werkelijke liquiditeit op financiële markten rond het transitiemoment was immers onzeker. We hebben de vermogenstransitie vorm kunnen geven in gunstige marktomstandigheden met goede liquiditeit. Daarmee is de vermogenstransitie voor ons goed verlopen.’

Waarom is gekozen voor januari 2026 om de transitie te maken?

‘De transitiedatum was uiteindelijk de uitkomst van overleg tussen sociale partners, fondsbestuur en uitvoering. De transitie van vermogen was daarbij opnieuw slechts één onderdeel. Vanzelfsprekend heeft de financiële situatie invloed op de transitie. Wij hebben de overstap kunnen maken met een uitstekende financiële uitgangspositie: een dekkingsgraad van 155%. Een heel mooi moment voor de overgang naar de nieuwe regeling.’

Waren er aanpassingen in de portefeuille nodig?

‘Jazeker. De beleggingsmix in de nieuwe pensioenregeling kent een beperkt andere samenstelling. De grootste aanpassingen waren nodig in de beleggingen die bijdragen aan de beheersing van het renterisico. Daar hebben we gekozen voor een iets andere verdeling over beleggingscategorieën. Daarnaast is als gevolg van de leeftijdsafhankelijke toedeling van beschermingsrendement en de gekozen toedeelregels een lagere mate van renteafdekking nodig.’

 

De grootste aanpassingen waren nodig in de beleggingen die bijdragen aan de beheersing van het renterisico, waar we hebben gekozen voor een iets andere verdeling over beleggingscategorieën.

 

In hoeverre zal de portefeuille gaan wijzigen in de nieuwe situatie?

‘De meeste wijzigingen hebben we rondom het transitiemoment al kunnen doorvoeren. Wijzigingen in de minder liquide beleggingscategorieën worden de komende periode verder vormgegeven. We beleggen onder de nieuwe pensioenregeling bijvoorbeeld wat meer in Nederlandse hypotheken. Een wijziging die een wat langere doorlooptijd kent. Verder voorzien we op dit moment geen grote wijzigingen.’

Wat zijn nu na de transitie de belangrijkste aandachtspunten?

‘Eigenlijk is het belangrijkste aandachtspunt de uitvoering van de nieuwe regeling. Er is meer interactie tussen pensioenadministratie, beleggingsadministratie en vermogensbeheer. We voeren een leeftijdsafhankelijk beleggingsbeleid waarbij de rendementen via toedeelregels landen in de persoonlijke pensioenvermogens van onze deelnemers. Die uitwisseling van gegevens tussen de verschillende onderdelen is natuurlijk goed voorbereid. Na de transitie is het moment aangebroken dat we het ook echt gaan doen. Ook bereiden we de transitiecommunicatie naar alle deelnemers voor waarin we hen in het tweede kwartaal laten zien wat de overgang voor hen daadwerkelijk heeft betekend.’

Wat is de belangrijkste les voor partijen die de transitie nog gaan maken?

‘Begin op tijd met de voorbereidingen. Houd bij de uitwerking oog voor verschillende scenario’s en spreek veranderingen en nieuwe werkwijzen goed door met alle betrokken partijen. Zorg voor een herkenbaar en voldoende gedetailleerd draaiboek en voor goede samenwerking met korte communicatielijnen tussen alle disciplines die bij de transitie nodig zijn.’

 

Lees hier de special in Financial Investigator magazine