L&G: AI-vraag blijft sterk, maar verschil tussen winnaars en verliezers groeit
L&G: AI-vraag blijft sterk, maar verschil tussen winnaars en verliezers groeit
De vraag naar kunstmatige intelligentie (AI) blijft structureel sterk, maar concurrentievoordeel verschuift naar toegang tot stroom, vergunningen en uitvoeringskracht. Tegelijk biedt Europa nog altijd kansen, al dreigt het verder achterop te raken bij de VS als de uitvoering niet versnelt.
Dat stelt James Tyrrell, Private Markets Research Analyst bij L&G Asset Management, die spreekt van een aantrekkelijk maar steeds meer gedifferentieerd beleggingslandschap.
Sterke vraag en aanhoudende kapitaalinstroom
De aanhoudende AI-groei vertaalt zich in stevige vraag naar digitale infrastructuur, met datacenters als belangrijkste motor. Hierop gerichte investeringsfondsen haalden in 2025 een recordbedrag op, al duurt het langer voordat fondsen sluiten; zo’n drie jaar, tegen minder dan twee jaar vóór 2022. 'Sommige grote kapitaalrondes in 2025 weerspiegelen waarschijnlijk deels opgebouwde vraag uit eerdere jaren', aldus Tyrrell.
Ook in de transacties die investeringsfondsen sluiten domineren datacenters, met een recordactiviteit in het vierde kwartaal van 2025, terwijl deals voor de financiering van zendmasten en glasvezel achterblijven. In de VS ligt de nadruk daarbij op nieuwbouw, terwijl Europa meer leunt op overnames van bestaande infrastructuur. De relatief zwakke activiteit in Europese telecominfrastructuur hangt samen met druk op waarderingen en moeilijkere financiering door het gestegen renteniveau.
Vraag naar datacenters neemt verder toe
Verder blijft de vraag naar datacentercapaciteit toenemen, al lopen de VS en Europa uiteen. In de VS trok de vraag in de tweede helft van 2025 duidelijk aan, terwijl de groei in Europa beperkt bleef. 'Daarmee vertegenwoordigt ons continent een kleiner deel van de totale vraag, al zien wij juist daardoor ruimte voor toekomstige groei als het gebruik richting Amerikaanse niveaus beweegt.'
Vooralsnog ziet Tyrrell zich een helder beeld aftekenen: de leegstand blijft laag en uitbreiding in beide regio’s verschuift steeds vaker buiten de gevestigde locaties, met name dankzij schaarste aan ruimte en stroom. In de VS wordt ondertussen sneller capaciteit bijgebouwd, terwijl Europa geleidelijker groeit, met toenemende activiteit in secundaire markten.
Pad naar winst blijft onduidelijk
Hoewel de inkomsten uit kunstmatige intelligentie sinds vorig jaar aanzienlijk zijn toegenomen, blijft Tyrrell terughoudend over de winstgevendheid: 'De economische vooruitzichten zijn goed, maar de kosten – waaronder die voor opleidingen en het aantrekken van talent – blijven de bepalende factor voor de resultaten.' Volgens hem ligt de meest waarschijnlijke route naar winstgevendheid in kostenbesparingen en verdere ‘verticale’ integratie van de waardeketen.
Intussen laten de ontwikkelingen in de toeleveringsketen zien dat de vraag sterk blijft. Zo rapporteerde Nvidia opnieuw sterke cijfers en meldden gespecialiseerde cloudaanbieders langere contractlooptijden, wat wijst op beter zicht op hoe de vraag naar AI zich op de middellange termijn ontwikkelt. Ondertussen nemen de mogelijkheden van AI-modellen verder toe, dalen de gebruikskosten en groeit het gebruik snel. 'Dit vergroot het aantal economisch rendabele toepassingen en versterkt de vraag naar datacentercapaciteit', zegt Tyrrell.
De snelle ontwikkeling van generatieve kunstmatige intelligentie (genAI) leidde tot koersdruk bij beursgenoteerde softwarebedrijven, terwijl AI-gedreven bedrijven juist sterk in waarde blijven stijgen. Volgens L&G roept dit vragen op over de houdbaarheid van traditionele softwaremodellen, nu AI-ontwikkeling versnelt.
Voor digitale infrastructuur werkt dit twee kanten op. Zwakkere softwarebedrijven kunnen de kredietkwaliteit van huurders onder druk zetten, maar de toegenomen concurrentie versnelt ook de adoptie van AI en daarmee de vraag naar datacentercapaciteit.
Geopolitiek speelt een steeds grotere rol
Europese ambities rond ‘soevereine’ cloud en AI nemen toe, maar worden geremd door de hoge investeringskosten van datacenters. Tegelijk kan verdere vooruitgang in AI de behoefte aan technologische autonomie juist versterken.
Op de cloud gebaseerde dienstverlening profiteert hiervan, ook doordat bedrijven vaker kiezen voor hybride, veilige en lokaal gecontroleerde AI-omgevingen. De oplopende spanningen tussen de Verenigde Staten en China en de concentratie van chipproductie in Taiwan blijven intussen belangrijke langetermijnrisico’s.
Waarderingen stabiliseren, uitvoering cruciaal
De waarderingen van datacenters stabiliseren rond historische gemiddelden, met multiples van zo’n 25 keer het brutobedrijfsresultaat (ebitda) en stabiele rendementen. Wel ontstaat er verschil in rendement: in de VS komt dit vaker uit waardestijging, terwijl in het VK inkomsten een grotere rol spelen.
Tegelijk verschuift kapitaal naar eerdere ontwikkelingsfasen, zoals grond, energie en vergunningen. Dat maakt uitvoering het belangrijkste risico. Vertragingen in netaansluitingen en levering van apparatuur zorgen ervoor dat projecten niet altijd volgens planning worden gerealiseerd. Markten waar plannen daadwerkelijk worden omgezet in operationele capaciteit, kunnen daardoor een hogere waardering krijgen.
Nieuwe groeiregio’s en selectieve kansen
De groei van grote cloudspelers lag in 2025 vooral in de VS, maar in Europa winnen regio’s als Scandinavië en Zuid-Europa aan belang als nieuwe locaties voor datacenters.
Binnen telecominfrastructuur blijven zendmasten onder druk staan door hogere rente en zwakkere groei bij telecombedrijven. De glasvezelmarkt blijft sterk versnipperd. Hoewel de overstap van koper naar glasvezel op lange termijn groei ondersteunt, zorgen concurrentie en financieringsdruk voor een wisselend beeld per land.
Voor beleggers blijft het speelveld aantrekkelijk, maar steeds minder homogeen. 'Het is cruciaal om precies te bepalen waar waarde ontstaat en waar risico zich kan concentreren', besluit Tyrrell. Spreiding over subsectoren en regio’s wordt daarmee steeds belangrijker.