BLI: Wereldeconomie blijft veerkrachtig genoeg om recessie te vermijden

BLI: Wereldeconomie blijft veerkrachtig genoeg om recessie te vermijden

Outlook Geopolitics Middle East

Ondanks de invloed van het conflict in het Midden-Oosten op de groeivooruitzichten is de wereldeconomie nog steeds voldoende weerbaar om een recessie te vermijden, vertellen Guy Wagner en zijn team in de 'Highlights', hun recentste analyse van de financiële markten.

“De Amerikaanse economie krijgt een stevig duwtje in de rug door de enorme investeringen in artificiële intelligentie, ondanks de afnemende consumptie door de afloop van de belastingteruggaven en de hoog blijvende brandstofprijzen”, zegt Guy Wagner, chief investment officer (CIO) van BLI - Banque de Luxembourg Investments.

Europese vooruitzichten ogen zwakker

In Europa ziet de toekomst er minder rooskleurig uit. “De technologiesector is veel kleiner dan de Amerikaanse, en de regio is ook veel gevoeliger aan spanningen in de energiesector. Daardoor loopt de Europese economie een veel groter risico op een neerwaartse herziening van de groeivooruitzichten.”

De Chinese economische activiteit blijft afhankelijk van de export, terwijl de binnenlandse vraag beperkt blijft, zoals ook wordt weerspiegeld in de consumptiecijfers, die in april nagenoeg stabiel bleven. In Japan liep de driemaandelijkse groei in het eerste kwartaal op tot 0,5%, hoofdzakelijk dankzij de export, al leverde ook het gezinsverbruik een positieve bijdrage.

Hoog blijvende olieprijzen beïnvloeden inflatie-indicatoren

Ondanks de recente lichte krimp laten de hoog blijvende olieprijzen door de sluiting van de Straat van Hormuz nog steeds hun sporen na op de inflatie-indicatoren. In de Verenigde Staten steeg de inflatie in april naar 3,8%, tegenover 3,3% in de voorgaande maand. Ook de onderliggende inflatie zonder energie en voeding won terrein en ging van 2,6% naar 2,8%.

We zagen dezelfde tendens in de eurozone, waar de inflatie tussen april en mei onder invloed van de stijgende energieprijzen opliep van 3,0% tot 3,2%. Wat de monetaire overheden vooral zorgen baart, zijn de tekenen dat ook de onderliggende inflatie, die van 2,2% naar 2,5% klom, weer aantrekt.

Eerste vergadering Federal Reserve onder Kevin Warsh

In die context zal de volgende bijeenkomst van de Federal Reserve, de eerste onder leiding van Kevin Warsh, met argusogen worden gevolgd. “De beleggers verwachten duidelijkere informatie over de toekomst van het Amerikaanse monetaire beleid in het tijdperk na Jerome Powell”, aldus de Luxemburgse econoom.

In de eurozone verwijzen de verantwoordelijken van de Europese Centrale Bank steeds vaker naar de inflatierisico's als gevolg van de aanslepende sluiting van de Straat van Hormuz, wat erop wijst dat monetaire verkrapping opnieuw tot de mogelijkheden behoort op de volgende bijeenkomst in juni.

Stijging markten april houdt aan in mei

Nadat het obligatierendement aan het begin van de maand bleef stijgen door de aanhoudende geopolitieke spanningen in het Midden-Oosten, zijn de rentemarkten geleidelijk weer tot rust gekomen, nu er sprake lijkt te zijn van diplomatieke toenadering tussen de Verenigde Staten en Iran.

Ten slotte kunnen we stellen dat er over de maand relatief weinig is veranderd. De stijging van de markten in april heeft zich voortgezet in mei, niet alleen dankzij de hoop op een definitieve overeenkomst tussen Washington en Teheran over de heropening van de Straat van Hormuz, maar ook door het aanhoudende enthousiasme van de beleggers over artificiële intelligentie.

Guy Wagner: “De groei blijft evenwel sterk geconcentreerd.” De stijging van de markten speelde voornamelijk in het voordeel van de technologiewaarden, en dan vooral van de halfgeleidersector, terwijl tal van beursgenoteerde bedrijven moesten inleveren. Met dank aan de opmerkelijke 18,4% groei van de technologiesector ging de index MSCI All Country World Index Net Total Return er over de maand 5,7% op vooruit in euro.

In de Verenigde Staten zette de S&P 500 een nieuw historisch record neer. In Europa hinkte de minder technologiegevoelige Stoxx Europe 600 lichtjes achterop. De Japanse Topix ging er in yen met 6,2% op vooruit, en de MSCI Emerging Markets met 9,5% in dollar, met name dankzij de mooie bijdrages van Zuid-Korea en Taiwan, die ongeveer de helft van de index uitmaken.

“Op sectorniveau stak technologie er met kop en schouders bovenuit, gevolgd door discretionaire consumptiegoederen en materialen. Anderzijds sloten defensieve sectoren als basisconsumptiegoederen, nutsdiensten en energie de maand met verlies af.”