Schroders: Voedselprijzen blijven voorlopig structureel hoog

Schroders: Voedselprijzen blijven voorlopig structureel hoog

Commodities War Ukraine Russia
Klimaat (17) aarde grondstoffen bio landbouw

Sinds de invasie van Rusland in Oekraïne zijn de prijzen van sommige voedingsgrondstoffen sterk gestegen. Volgens Felix Odey, Fondsbeheerder Global Resource Equities bij Schroders, ziet het ernaar uit dat de hoge prijzen voor voedsel blijvend zijn.

De prijzen voor sommige landbouwgrondstoffen zijn door de oorlog in Oekraïne dramatisch gestegen, de prijs voor tarwe is het meest gestegen. Odey verwacht dat de prijzen voorlopig waarschijnlijk rond deze hoge niveaus zullen blijven.

De vraag zal hoog blijven, terwijl het aanbod dit jaar en volgend jaar krap blijft. Deze krapte kan in 2023 en daarna zelfs nog toenemen. Dat komt doordat onvoorspelbare weerpatronen de onzekerheid over het aanbod vergroten, naast mogelijk aanhoudende verstoring van de productie in Oekraïne.

Ondertussen maakt men gebruik van minder kunstmest, wat ook een gevolg is van de aanzienlijke prijsstijgingen en verstoring van het aanbod door de oorlog in Oekraine.

Oekraïne en Rusland zijn belangrijke grondstoffenexporteurs

Zowel Rusland als Oekraïne zijn zijn belangrijke exporteurs van voedsel en andere grondstoffen. Zonnebloemolie en granen (maïs, tarwe en gerst) zijn het zwaarst getroffen. Het is nog onduidelijk in hoeverre er in Oekraïne op lange termijn sprake is van een verstoring van het aanbod. In de meest cruciale landbouwgebieden is hevig gevochten, zijn landbouwgronden verwoest en is landbouwapparatuur vernietigd.

De verstoring van de export van grondstoffen uit Oekraïne en Rusland zal ook gevolgen hebben voor de prijzen van andere grondstoffen en dat vermindert weer de kans dat landbouwers overschakelen op het verbouwen van granen om het aanbodtekort op te lossen.

Lagere oogsten door minder meststoffen

De export van kaliumchloride is ernstig verstoord. De verstoring van de kunstmestmarkt is een andere factor die het oplossen van het aanbodtekort in de weg staat. De kosten van meststoffen zijn in de VS gestegen van 14% van de inkomsten in 2020 tot ongeveer 23% in 2022.

Dit leidt nu al tot veranderingen in zaaigedrag. In de VS kiezen landbouwers voor een recordhoeveelheid sojabonen (waarvoor relatief minder meststoffen nodig zijn) in plaats van zomertarwe en maïs. De vraag naar meststoffen is minder, mogelijk door uitstel in de hoop dat de prijzen in de loop van het jaar weer zullen dalen. In hoeverre de vraag verdwijnt in plaats van uitgesteld, zal in de komende weken moeten blijken.

Beperking van de voedselexport

Gezien de verstoring van de export van zowel gewassen als kunstmeststoffen is het geen verrassing dat verschillende landen maatregelen nemen om hun voedselvoorziening te beschermen. De afhankelijkheid van voedselimport varieert, maar is in sommige landen in het Midden-Oosten en Noord-Afrika zelfs 100%.

Naarmate de markt krapper wordt, wordt het aanbod afhankelijker van producenten die een relatief kleine hoeveelheid produceren. Dit verhoogt het risico op volatiliteit van de voedselprijzen door extreme weersomstandigheden.

Krappe voedselvoorziening bedreigt overgang naar biobrandstoffen

Biobrandstoffen zijn een ander gebied dat gevolgen kan ondervinden, aangezien daarvoor ongeveer 10% van de tarwe in de wereld wordt gebruikt. Bedrijven die biobrandstoffen van de eerste generatie produceren (d.w.z. bedrijven die eetbare voedingsmiddelen gebruiken in plaats van afval), kunnen beleidsdruk ondervinden als regeringen subsidies stopzetten of afbouwen. Aanbodbeperkingen en reputatieschade zijn andere risico's.

Onlangs hebben de G7-landen een debat gevoerd over het beperken van het gebruik van voedingsgrondstoffen voor biobrandstof om de voedseltekorten te proberen te verlichten. Volgens de mandaten moeten biobrandstoffen worden gemengd met gewone benzine en diesel om de CO2-uitstoot te verminderen.

Als er uitstel komt, zal het voor landen als Duitsland erg moeilijk worden om hun CO2-doelstellingen ten aanzien van transport na te komen. Hieruit blijkt hoe groot het dilemma is waar beleidsmakers zich in bevinden.

Voedselzekerheid op lange termijn een punt van zorg

De Oekraïne-crisis heeft de voedselzekerheid onder de aandacht gebracht. Op de korte termijn zal voedselzekerheid waarschijnlijk de prioriteit van de regeringen zijn. Hogere kunstmestprijzen en andere verstoringen betekenen dat de wereldwijde opbrengst van de landbouw zowel dit jaar als volgend jaar kan dalen.

Bovendien is er ook een langetermijnverhaal. Door de bevolkingsgroei zal de mondiale voedsel- en waterproductie tegen 2050 naar verwachting met 70% moeten zijn toegenomen ten opzichte van 2010. Het systeem moet duurzamer worden gemaakt, anders zal het onderhevig zijn aan de negatieve gevolgen van extreme weersomstandigheden en aantasting van ecosystemen.

Zelfs bij een opwarming van de aarde met 2°C zullen de tarwe- en maïsopbrengsten naar verwachting met respectievelijk 14% en 12% dalen.