Goudwisselkantoor: Goud beweegt pas als het pijn doet

Goudwisselkantoor: Goud beweegt pas als het pijn doet

Inflation Gold

De recente inflatiecijfers van het CBS onderstrepen opnieuw dat geld op termijn aan koopkracht verliest. Goud wordt vaak genoemd als bescherming tegen inflatie, maar het is belangrijk om dat genuanceerd te bekijken.

Historisch zien we dat goud inflatie niet één op één volgt, maar er vaak met vertraging op reageert. Daarom is het bij het kijken naar de goudprijs belangrijk om anticyclisch te denken.

Herhaling van zetten

In de jaren ’70 schoot de goudprijs echt omhoog nadat de inflatie al stevig was opgelopen. Ook recent zagen we dat patroon. Tijdens de piek in 2022, nadat de inflatie opliep door Coronaschulden, bleef goud relatief vlak door de snel stijgende rente. Maar in de jaren daarna bereikte de prijs recordniveaus.

Dit jaar laat goud opnieuw een gestage stijging zien, met circa 5% sinds januari. Dat bevestigt dat goud op de lange termijn zijn waarde behoudt, maar op de korte termijn beïnvloed wordt door factoren zoals rente en de dollar.

Krachten die elkaar tegenwerken

Op dit moment werken verschillende krachten elkaar tegen. Waar geopolitieke spanningen en crises de prijs traditioneel omhoogduwen, zorgen de aanhoudend hoge rentes en een sterke dollar juist voor een flinke neerwaartse druk. Het gevolg hiervan is een markt zonder duidelijke richting, maar met veel schommelingen.

Pas als de prijs naar bijvoorbeeld 135.000 euro per kilo stijgt, zullen de orders ineens niet aan te slepen zijn. Traditioneel wacht de consument namelijk liever de koersstijging af, terwijl bij de goudprijs anticyclisch denken juist op zijn plek is. Juist in een volatiele en onzekere wereld is goud een relevante strategische buffer.