Carmignac: Inflatie opnieuw van invloed op Amerikaanse verkiezingen
Carmignac: Inflatie opnieuw van invloed op Amerikaanse verkiezingen
Door Kevin Thozet, lid van het beleggingscomité van Carmignac
Hetzelfde probleem, eenandere verliezer. Kamala Harris en de Democraten verloren het Witte Huis in 2024, waarbij inflatie en betaalbaarheid centraal stonden in de zorgen van de kiezers. Twee jaar later hebben Donald Trump en de Republikeinen hun meerderheid in het Congres verloren, opnieuw tegen de achtergrond van zorgen over inflatie en betaalbaarheid.
De frustratie onder kiezers bleef grotendeels dezelfde. Door het verkiezingsresultaat staat Trump voor de laatste twee jaar van zijn presidentschap tegenover een Democratische meerderheid in het Huis van Afgevaardigden en de Senaat.
Voor de aandelenmarkten is een 'lame duck’-presidentschap niet per se slecht nieuws. Historisch gezien hebben aandelen het goed gedaan onder een verdeelde regering. Ook het vooruitzicht op een begrotingsakkoord tussen beide partijen kan de economie een impuls geven. Daarbij is een compromis denkbaar tussen hogere militaire uitgaven en maatregelen die moeten voorkomen dat miljoenen Amerikanen geleidelijk hun zorgverzekering verliezen. Dat zou vergelijkbaar zijn met de Bipartisan Budget Act uit 2019.
Voor de obligatiemarkt zijn de vooruitzichten minder gunstig. Politieke verdeeldheid gaat zelden samen met begrotingsdiscipline, terwijl geen van beide partijen veel politieke prikkels heeft om te bezuinigen. Beide hebben er juist belang bij hun eigen uitgavenprioriteiten te verhogen. Grote begrotingstekorten en een omvangrijke uitgifte van Amerikaanse staatsobligaties blijven daardoor een belangrijk risico op langere termijn.
Ook de dollar oogt kwetsbaar door de grote begrotingsonevenwichtigheden, de afgenomen geloofwaardigheid van het beleid en onzekerheid over het beleid van de Federal Reserve.
Op sectorniveau lopen Amerikaanse bedrijven die gevoelig zijn voor veranderingen in de vennootschapsbelasting het grootste risico. Een Democratisch Congres zal waarschijnlijk hogere vennootschapsbelasting weer op de politieke agenda plaatsen.
Bedrijven die het grootste deel van hun winst in de Verenigde Staten behalen, weinig buitenlandse inkomsten hebben en nauwelijks kunnen profiteren van structurele belastingvoordelen, zijn het kwetsbaarst. Dat geldt vooral voor Amerikaanse banken, op de binnenlandse markt gerichte winkelbedrijven, zorgverzekeraars en telecombedrijven.
Voor datacenters is het beeld gemengder. Een Democratisch Congres tegenover een president Trump zonder parlementaire meerderheid hoeft voor de sector niet direct negatief uit te pakken. Het verzet tegen de uitbreiding van datacenters neemt weliswaar toe, maar beide partijen hebben belang bij de economische groei en belastinginkomsten die de sector oplevert.
Netinfrastructuur, elektrificatie en binnenlandse industriële investeringen kunnen daarentegen opnieuw op politieke steun rekenen. Vooral infrastructuur bevindt zich op terrein waar de prioriteiten van beide partijen elkaar overlappen. Democraten steunen de energietransitie en investeringen in het elektriciteitsnet. Republikeinen blijven inzetten op binnenlandse productie, energieopwekking en het terughalen van productie naar de Verenigde Staten.