Capital Group: Europa investeert minder in AI, maar deelt in de winst

Capital Group: Europa investeert minder in AI, maar deelt in de winst

Artificial Intelligence Europe

Europa investeert veel minder in AI dan de VS en China, maar surft wel mee op de wereldwijde investeringsgolf. De Europese gok is dat een brede invoering van AI uiteindelijk belangrijker zal blijken dan het winnen van de investeringsrace, stellen Beth Beckett en Tryggvi Gudmundsson van vermogensbeheerder Capital Group.

Europa investeert minder in AI...

Het mag geen verrassing heten: Europa investeert aanzienlijk minder in artificiële intelligentie dan de VS en China. De AI-gerelateerde kapitaaluitgaven (capex) in Amerika zullen dit jaar waarschijnlijk meer dan 2% van het bbp bedragen en in de Europese Unie slechts een fractie daarvan. Op het vlak van AI-infrastructuur neemt de VS naar schatting ongeveer driekwart van de wereldwijde investeringen voor zijn rekening. China volgt op ruime afstand en Europa blijft nog verder achter.

Een bredere maatstaf voor digitale investeringen vertelt hetzelfde verhaal. Al decennialang investeert de VS meer in informatietechnologie dan Europa en AI lijkt deze trend eerder te versterken dan om te keren. AI-investeringen zijn sterk geconcentreerd bij een beperkt aantal bedrijven, waarvan de meeste buiten Europa gevestigd zijn.

De lagere IT-investeringen in Europa hebben deels te maken met de samenstelling van de economie en andere managementpraktijken. Andere factoren zijn de hogere energieprijzen en een verouderd elektriciteitsnet, waardoor nieuwe datacenters niet snel kunnen worden aangesloten.

...maar Europa profiteert wel mee

Toch blijft Europa nauw verbonden met de wereldwijde AI-investeringsgolf. Het zal zowel in de winsten als in de verliezen van de investeringshausse delen, zelfs wanneer de infrastructuur elders wordt gebouwd, aldus Capital Group.

Een eerste weg verloopt via Europese beleggingen in Amerikaanse effecten. Europese huishoudens en institutionele beleggers financieren de AI-uitbouw indirect via investeringen in Amerikaanse techaandelen. De gerealiseerde meerwaarden op Amerikaanse aandelenposities van beleggers uit de eurozone werden vorig jaar geschat op 1,3% van het bbp. Een sterke terugval daarvan kan via vermogenseffecten de consumptie in Europa afremmen.

Omgekeerd speelt Europa een cruciale rol in de halfgeleiderketen. Het bekendste voorbeeld is ASML, waarvan de beurskoers nog steeds sterk samenhangt met de prestaties van Amerikaanse technologiebedrijven. Hoewel de investeringen van ASML slechts een fractie bedragen van die van de Amerikaanse techreuzen, blijft de productie van geavanceerde chips afhankelijk van lithografiemachines die slechts door een handvol bedrijven worden geleverd. Binnen die markt heeft ASML een dominante positie.

Ook Duitsland profiteert van de AI-boom. De wereldwijde uitbreiding van de chipproductie stuwt de vraag naar optische instrumenten en andere geavanceerde industriële technologie. Samen met investeringen in de energietransitie en defensie geeft dit de hoogwaardige industrie een nieuwe impuls, terwijl de traditionele productie achterblijft.

Daarnaast zien de Scandinavische landen en verschillende West-Europese regio's een toename van investeringen in datacenters. Dankzij toegang tot hernieuwbare energie, koelere klimaten en beschikbare grond zijn deze regio's aantrekkelijke locaties voor nieuwe capaciteit. De effecten zijn inmiddels zichtbaar in sectoren zoals nutsbedrijven, elektriciteitsnetten, industriële uitrusting en de bouw.

Meer dan hyperscalers

Het Europese beleid legt steeds meer de nadruk op een snellere toepassing van AI. Het Draghi-rapport en de initiatieven van de Europese Commissie erkennen de achterstand in investeringen en innovatie, terwijl hervormingen en nieuwe kapitaalstromen traag op gang komen.

Daarom wil Europa betere voorwaarden scheppen voor bedrijven om AI te omarmen, met investeringen in rekenkracht, digitale infrastructuur, vaardigheden, energie, onderzoekssamenwerking en sterkere kapitaalmarkten.