LFDE: Maken Europese small- en midcaps een comeback?’
Europese small- en midcaps hebben de afgelopen jaren flink achtergelopen bij grote beursbedrijven. Maar dat kan veranderen. Verschillende ontwikkelingen komen nu samen die deze kleinere ondernemingen een nieuwe impuls kunnen geven, meent Nelly Davies, fondsmanager bij La Financière de l'Échiquier (LFDE).
Dat maakt small- en midcaps interessant voor beleggers die verder kijken dan de bekende grote namen. Sinds 2022 hadden kleinere Europese bedrijven het moeilijk. De rente steeg snel, de economie vertraagde en geopolitieke onzekerheid nam toe. Beleggers werden voorzichtiger en kozen vaker voor grote, liquide aandelen.
Veel van die tegenwind lijkt inmiddels af te nemen. De Europese economie laat voorzichtig tekenen van herstel zien, overheden investeren meer en ook de markt voor fusies en overnames trekt weer aan. Vooral Duitsland kan daarbij een belangrijke rol spelen.
Duitsland gaat investeren
Duitsland heeft een infrastructuurfonds van €500 miljard opgezet voor de komende twaalf jaar. Het geld is bedoeld voor onder meer wegen, spoorwegen, energie-infrastructuur en andere publieke voorzieningen. Hoewel de daadwerkelijke besteding van het geld nog langzaam op gang komt, zijn al miljarden aan opdrachten vastgelegd. Vanaf de tweede helft van 2026 kunnen de uitgaven duidelijker zichtbaar worden.
Dat is goed nieuws voor industriële bedrijven en middelgrote ondernemingen die veel overheidsopdrachten binnenhalen.
Ook de Europese defensie-uitgaven gaan omhoog. Duitsland verwacht die uitgaven te verhogen van ongeveer €108 miljard in 2026 naar bijna €180 miljard in 2030. Daarvan profiteren niet alleen de grote defensiebedrijven. Europa kent ook veel kleinere gespecialiseerde ondernemingen die onderdelen, technologie en diensten leveren. Juist onder de small- en midcaps bevinden zich bedrijven met een sterke positie in een specifieke niche.
Klein, maar gespecialiseerd
Small- en midcaps zijn goed vertegenwoordigd in sectoren die de komende jaren waarschijnlijk veel investeringen aantrekken, zoals defensie, infrastructuur, cybersecurity, elektrificatie, energie-efficiëntie en datacenters.
Veel van deze bedrijven zijn bovendien minder internationaal actief dan grote multinationals. Daardoor kunnen ze relatief direct profiteren van investeringen in hun eigen regio. Hun flexibiliteit en sterke positie in gespecialiseerde markten kunnen daarbij belangrijke voordelen zijn.
Overnames geven extra steun
Een andere positieve ontwikkeling is de terugkeer van fusies en overnames. Na twee moeilijke jaren, waarin hogere financieringskosten veel deals afremden, neemt de activiteit weer toe. Dat is interessant voor beleggers in small- en midcaps. Een overname leidt vaak tot een premie op de beurskoers. Bovendien geven overnameprijzen een indicatie van wat vergelijkbare bedrijven waard kunnen zijn.
Recente transacties rond onder meer DCC, Intertek, Adevinta en Beazley laten zien dat de belangstelling voor gespecialiseerde ondernemingen terugkeert.
Waarderingen blijven aantrekkelijk
Ook de Europese markt voor beursintroducties lijkt voorzichtig te herstellen. Verschillende nieuwe beursnoteringen werden positief ontvangen door beleggers. Dat wijst op een geleidelijke terugkeer van het vertrouwen en kan de liquiditeit in small- en midcaps verbeteren.
Tegelijkertijd zijn Europese smallcaps nog altijd relatief aantrekkelijk gewaardeerd. Ze worden met een korting verhandeld ten opzichte van largecaps, terwijl hun winstvooruitzichten verbeteren. Daarmee ontstaat een interessante combinatie: meer overheidsinvesteringen, hogere defensie-uitgaven, een aantrekkende overnamemarkt en een voorzichtig herstel van de IPO-markt.
Na jaren van achterblijvende prestaties lijkt het tij voor Europese small- en midcaps daarmee langzaam te keren. Voor langetermijnbeleggers kunnen deze bedrijven een interessante manier bieden om in te spelen op belangrijke Europese investeringsthema’s, tegen waarderingen die nog altijd aantrekkelijk zijn.