InvestNL: Zonder nieuw financieringsmodel blijft regeneratieve landbouw niche
Het huidige intensieve landbouwsysteem heeft Nederland veel gebracht, maar de slechte bodemkwaliteit, gebrek aan biodiversiteit en dalende waterkwaliteit laten zien dat het systeem niet langer houdbaar is.
Regeneratieve landbouw kan hier een antwoord op zijn, maar daarvoor zijn nieuwe financieringsmodellen nodig die niet alleen kortetermijnproductie, maar ook langetermijnwaarde belonen.
Regeneratieve landbouw is een economische transitie.
De hoge afhankelijkheid van kunstmest en gewasbescherming van het huidige landbouwsysteem zorgt voor slechte bodemkwaliteit en een gebrek aan biodiversiteit, en waterkwaliteit staat onder druk. Dat maakt het systeem kwetsbaar en op termijn steeds minder houdbaar.
Regeneratieve landbouw is een manier van voedselproductie die de bodem herstelt in plaats van belast. Het zorgt ervoor dat ecologische systemen in balans blijven en de voedselketen weerbaarder is tegen klimaatrisico’s en economische schokken. Daarmee gaat deze transitie niet alleen over duurzaamheid, maar ook over toekomstige economische weerbaarheid.
Financiering is de grootste bottleneck
De urgentie om over te gaan op regeneratieve landbouw is helder en kennis en innovatieve bedrijven zijn in Nederland volop aanwezig. Het probleem zit vooral in de financiering. Investeringen vragen om een lange adem, omdat de transitie naar regeneratieve landbouw tijd kost.
Op dit moment worden de voordelen voor de maatschappij nauwelijks meegenomen in het verdienmodel van de boer en financiers missen vaak voldoende inzicht in risico en rendement. Daardoor blijven schaalbare oplossingen achter. Zo blijft regeneratieve landbouw afhankelijk van pioniers en subsidies.
Publieke waarde financieel belonen
Om regeneratieve landbouw op schaal mogelijk te maken, moeten publieke en private partijen samen nieuwe financieringsmodellen ontwikkelen. Denk aan het gezamenlijk investeren in de transitie naar regeneratieve landbouw in een hele regio, langjarige zekerheid van afzet en het financieel belonen van publieke waarde, zoals de eerdergenoemde gezonde bodem, waterkwaliteit en biodiversiteit.
Dat vraagt om samenwerking tussen boeren, ketenpartijen, technologiebedrijven, financiers en overheden. Alleen dan ontstaat een verdienmodel dat boeren in staat stelt om structureel anders te produceren. En dat is nodig voor een ecologisch en economisch toekomstbestendig voedselsysteem.