Bain & Company: Klimaatdoelen buiten bereik door stijgende energievraag

Bain & Company: Klimaatdoelen buiten bereik door stijgende energievraag

Climate Change Energy Transition Geopolitics

Door de stijgende energievraag, geopolitieke spanningen en kostendruk wordt de wereldwijde energietransitie minder voorspelbaar en minder lineair dan eerder werd verwacht.

Dat blijkt uit het Global Energy and Materials Outlook 2026 van Bain & Company, waarin drie scenario’s tot 2040 zijn doorgerekend: een voortzetting van huidige trends, een gefragmenteerde energietransitie per regio en een scenario waarin CO₂-arme technologieën versneld worden opgeschaald.

De onderliggende dynamiek blijft hetzelfde: de energievraag groeit mee met economie- en bevolkingsgroei, terwijl het aanbod wordt begrensd door fysieke capaciteit, grondstoffen en kapitaal.

In geen van de drie scenario’s ligt de wereld op koers om de doelstellingen van het Akkoord van Parijs te halen, ondanks de versnelling van de elektrificatie. In alle scenario’s neemt de elektriciteitsvraag met 40% tot 70% toe richting 2040.

Opvallend is dat niet AI of datacenters, maar huishoudens de grootste bijdrage leveren aan die groei, onder meer door toenemend gebruik van airconditioning en de elektrificatie van verwarming. Industrie en gebouwen zijn samen goed voor meer dan 60% van de totale energievraag.

Hernieuwbare energie wint snel terrein. Zon en wind vergroten hun aandeel in de elektriciteitsmix met een factor drie tot zeven. Ze worden in veel markten de goedkoopste optie.

De snelheid van opschaling verschilt per regio en hangt samen met netcapaciteit, vergunningen en de beschikbaarheid van kritieke grondstoffen en arbeid. Mede daardoor blijven fossiele brandstoffen voorlopig onmisbaar.

Zelfs in een scenario met versnelde verduurzaming blijft meer dan de helft van het mondiale energieaanbod fossiel. Ook aardgas blijft in meerdere scenario’s een belangrijke rol spelen, onder meer als flexibele energiebron in elektriciteitssystemen met een groeiend aandeel hernieuwbaar.

De vraag naar olie varieert van groei naar 108 miljoen vaten per dag tot een daling naar circa 80 miljoen vaten. Sectoren als petrochemie, luchtvaart en zwaar transport bepalen de vraag op de lange termijn.

Daarnaast groeit kernenergie in alle scenario’s en speelt het een rol naast andere technieken die het elektriciteitsnet stabiliseren, zoals opslag en gascentrales. De uiteindelijke omvang hangt sterk af van kostenontwikkelingen, beleid en technologische doorbraken.

Voor Europa zijn vooral beleidskeuzes rond duurzame brandstoffen relevant. EU-doelstellingen voor e-fuels stimuleren de ontwikkeling van alternatieven, met name in luchtvaart en scheepvaart waar elektrificatie beperkt is.

Grootschalige toepassing blijft onzeker door hoge kosten en technologische uitdagingen. Daarnaast vormen beperkte toegang tot kritieke grondstoffen een structureel risico. Hoewel metalen als lithium, koper en kobalt ruim beschikbaar zijn, is de productie sterk geconcentreerd, wat toeleveringsketens kwetsbaar maakt voor geopolitieke spanningen.

'De energietransitie wordt uiteindelijk bepaald door drie factoren: kosten, uitvoerbaarheid en energiezekerheid. Omdat die per regio verschillen, verloopt de transitie overal anders en is die lastiger te voorspellen. Nederland loopt bijvoorbeeld voor op veel andere Europese landen in de energietransitie, maar ziet zich daardoor geconfronteerd met steeds grotere netcongestie, ondanks het opschalen van investeringen door nutsbedrijven,' aldus Jeroen Zijp, Partner bij Bain & Company in Amsterdam.

'Wereldwijd betekent dit voor energiebedrijven, nutsbedrijven en industriële grootverbruikers dat investeringsstrategieën steeds sterker per regio verschillen. Nationale beleidskaders, energieprijzen en netcapaciteit lopen uiteen. Bedrijven verschuiven kapitaal naar uitbreiding van netwerken, opslagcapaciteit en stabiele energiebronnen, met nadruk op flexibiliteit in investeringsbeslissingen.'