Invesco: April was een mensis horribilis

Invesco: April was een mensis horribilis

Equity War Ukraine Outlook
Outlook vooruitzichten (08) weg storm crisis

Kristina Hooper, Chief Global Market Strategist bij Invesco, zoekt de 'halfvolle glazen' na een zware aprilmaand voor de markten. April was een maand die haar enig optimisme geven voor de komende maanden.

Met alle rampspoed in april in het achterhoofd was het niet eens zo verwonderlijk dat wandelaars op de Anacostia Riverwalk Trail sinds kort moeten oppassen voor een wilde kalkoen. De kalkoen blijkt zo gevaarlijk dat het Prince George's County Parks and Recreation Department de bewoners adviseert om ‘afstand te houden’.

De kalkoen heeft problemen om zijn woede te beheersen en valt wandelaars en fietsers aan. Ik was getroffen door dit nieuwsbericht, want als zelfs een kalkoen tot een wreed roofdier kan uitgroeien, dan lijkt het einde wel echt nabij.

Maar zelfs als niets goed lijkt te gaan, kunnen we misschien wel een paar positieve gedachten meenemen naar de komende maanden:

[1] De oorlog in Oekraïne

Positief is dat er tot dusver niet meer landen in het conflict betrokken zijn en dat we een nucleaire oorlog hebben vermeden. Bovendien lijkt deze situatie Europa ertoe aan te zetten om alternatieve energiebronnen te vinden om niet langer afhankelijk te zijn van Rusland, net zoals de energiecrisis van de jaren zeventig de Verenigde Staten ertoe heeft aangezet om energieonafhankelijk te worden.

Onlangs kondigde Duitsland aan dat het op het einde van de zomer niet langer afhankelijk wil zijn van Russische olie, hoewel het waarschijnlijk nog tot 2024 gebruik zal moeten maken van Russisch aardgas. De voormalige Amerikaanse president Donald Trump had gelijk toen hij erop wees dat het een vergissing was van Duitsland en andere Europese landen om te vertrouwen op Russisch aardgas – en ze erkennen dat nu Rusland Oekraïne is binnengevallen.

Er is wel nieuwe infrastructuur nodig om andere toevoerbronnen aan te boren, dus duurt deze omslag langer dan die van olie, al heeft de VS de uitvoer van vloeibaar aardgas naar Europa de afgelopen weken opgevoerd.

Het streven naar energieonafhankelijkheid in Europa zou ook de investeringen in infrastructuur voor hernieuwbare energie moeten stimuleren. Bovendien heeft dit conflict het belang van de NAVO nieuw leven ingeblazen en heeft het, op zijn minst in bepaalde opzichten, de Europese Unie helpen verenigen.

De Europese leiders hebben het belang van een gecoördineerde reactie op deze crisis duidelijk benadrukt. Naar mijn mening zijn dit allemaal positieve ontwikkelingen voor de langere termijn.

[2] Het resultatenseizoen

De winsten zijn relatief goed geweest, zeker gezien de moeilijke omstandigheden. 55% van de bedrijven in de S&P 500 heeft tot dusver verslag uitgebracht, 80% heeft een positieve winstverrassing gemeld en 72% een positieve inkomstenverrassing.

Toegegeven, de energiesector heeft een grote rol gespeeld in deze cijfers, maar ook de meeste andere sectoren kennen een positieve, zij het bescheiden, winstgroei. De winstgroeiprognoses voor de S&P 500 voor het kalenderjaar 2022 zijn de voorbije weken zelfs verbeterd – nu wordt gerekend op 10,3% tegenover 9,9% op 31 maart.

Het Europese winstseizoen is tot dusver vrij positief geweest, ondanks dezelfde verstoringen van de toeleveringsketen en de hogere inputkosten, wat eind vorige week zelfs een impuls aan de Europese aandelen heeft gegeven.

[3] De COVID-blokkades in China

Hoewel de COVID-blokkades op dit moment een negatieve invloed hebben op de Chinese economie, kan dit een probleem van korte duur zijn. Uit de prognoses van het Institute for Health Metrics and Evaluation blijkt dat de infectiecijfers in China tegen juli 2022 naar verwachting drastisch zullen dalen.

Dit wijst erop dat een sterke economische opleving in de tweede helft van 2022 nog steeds goed mogelijk is, vooral dankzij de aanzienlijke budgettaire en monetaire stimuli.

[4] De verkrapping door de centrale banken

De centrale banken zullen hun beleid waarschijnlijk verder aanscherpen, maar dat kan ook positief zijn – het gedrag van beleggers en consumenten kan helpen om geld duurder te maken en de aandelenmarkt te temperen zonder dat de centrale banken – vooral de Fed – veel aan daadwerkelijke verkrapping moeten doen.

Sommige collega’s zeggen dat de Fed niet de luxe heeft om de reële data af te wachten, omdat de strijd tegen de inflatie zo urgent is. Ik ben het daar niet mee eens. De langetermijnverwachtingen van de Amerikaanse consumenteninflatie blijven relatief goed verankerd. Ze zijn zelfs nog lager dan in 1990, wat de Fed vertrouwen kan geven in een meer doordachte, data-afhankelijke aanpak van de verkrapping.

[5] Uitverkoop op de aandelenmarkt

Overal hebben aandelen klappen gekregen, en dus kan dit een aantrekkelijk instapmoment zijn voor wie een langere tijdshorizon heeft. De volatiliteit zal aanhouden en er komen wellicht meer beursdalingen aan, maar dit is het soort omgeving dat volgens mij kansen biedt voor actief beheer.

Ik maak me zelf niet al te veel zorgen over de dalende beurzen, vooral niet als ik me goed voel bij het economisch klimaat op de langere termijn.

Misschien is het goed om onszelf te herinneren aan de behavioral finance biases en hoe die onze beleggingsbeslissingen kunnen beïnvloeden. De meeste mensen hebben bijvoorbeeld een ‘recency bias’, waardoor ze te veel belang hechten aan recente gebeurtenissen.

Door recency bias kopen beleggers op de piek van de beurskoers, omdat ze ervan uitgaan dat de rally zal aanhouden. Dezelfde bias kan beleggers er ook van weerhouden te kopen nabij de bodem van de markt, omdat ze ervan uitgaan dat de sell-off zal aanhouden.

Sell-offs van de markt moeten we echter zien als potentiële instapmomenten. Wie een beleggingshorizon op lange termijn heeft, moet volgens mij niet bang zijn van de huidige marktschommelingen. Diversificatie en blijven beleggen werkt niet elke dag, maar historisch gezien heeft het mensen geholpen om hun doelen op de lange termijn te bereiken.

Ten slotte keer ik nog even terug naar de kalkoen met de woedeproblemen. Voor hem zie ik helaas niet meteen een halfvol glas – tenzij een slimme Hollywood-producent kans ziet om zijn verhaal deze zomer in een blockbuster te gieten.