LFDE: Olie olé
LFDE: Olie olé
Het is feest! Het geld stroomt binnen! Het klotst tegen de plinten, glanzend met de donkere schittering van het zwarte goud. De pijlsnelle stijging van de olieprijs door de blokkering van de Straat van Hormuz werpt Brazilië een onverhoopt manna in de schoot.
Nu een vat Brent 100 dollar opbrengt, tegen ongeveer 65 vóór de crisis in het Midden-Oosten, vormt oliemaatschappij Petrobras een ware zegen voor haar meerderheidsaandeelhouder, de Braziliaanse overheid. De beurskoers van de oliereus noteerde op 16 april dan ook al 80% hoger dan begin 2026.
Dat is een meevaller voor president Lula, die hoopt in oktober op zijn 80e te worden herkozen. Het biedt hem de middelen om met gulle overheidssteun zijn electorale basis te verbreden, meent Alexis Bienvenu, portefeuillemanager bij La Financière de l’Échiquier (LFDE).
Helaas heeft net zoals het echte carnaval ook het feest van het zwarte goud een keerzijde: de prijs aan de pomp. Want hoewel Brazilië de negende exporteur ter wereld is, blijft het een belangrijke importeur van olieproducten. Met name voor diesel, dat de eigen raffinaderijen niet kunnen produceren, is het afhankelijk van het buitenland.
Resultaat: de vrachtwagenbestuurders, die in het immense land van levensbelang zijn, hebben in maart gedreigd om het land lam te leggen. Dat deden ze al eens in 2018, en toen was de economische schade enorm. Hoewel die dreiging nu voorbij is, is de druk niet verdwenen. Een sociale crisis enkele maanden vóór de presidentsverkiezing zou de zittende president en kopman van de 'Arbeiderspartij' ongetwijfeld de zege kosten.
Exploitatie van nieuwe olievelden
Lula, de progressief die in 2025 nog gastheer was van de COP30 in het Amazonegebied, subsidieert daarom massaal het olieverbruik door de accijnzen te verlagen en pleit vurig voor de exploitatie van veelbelovende nieuwe olievelden ter hoogte van de monding van de Amazone, in de zogeheten 'equatoriale marge', tot afgrijzen van milieuactivisten.
Toch bestaat de kans dat zijn gulle steun voor de energiesector niet zal volstaan. De politieke uitdager van Lula, Flavio Bolsonaro – zoon van de tot 27 jaar gevangenisstraf veroordeelde ex-president – wil namelijk nog verder gaan: Petrobras privatiseren, alle federale belastingen op het verbruik van fossiele brandstoffen schrappen en met de op olie geheven royalty's een 'reservefonds' naar Noors voorbeeld financieren. Zo wil hij de prijs aan de pomp laag houden met subsidies én profiteren van de hoge prijzen op de wereldmarkt. Het beste van twee werelden.
Probleem voor kunstmestsector
De komende verkiezingen zullen dus deels beslecht worden in de Straat van Hormuz. Het wordt een door olie gedomineerde stembusgang, waarvan de gevolgen voor Brazilië als olieproducent wereldwijd voelbaar zullen zijn.
De situatie in het Midden-Oosten treft echter niet alleen het zwarte goud. Via de kunstmestvoorziening heeft ze ook een andere cruciale pijler van de Braziliaanse economie in haar greep: de landbouw. Brazilië, dat als 's werelds belangrijkste producent van soja voor China letterlijk van levensbelang is, is namelijk voor 85% afhankelijk van de invoer van kunstmest uit het buitenland om zijn landbouwsector te laten floreren. Het probleem is dat een groot deel van die meststoffen wordt aangevoerd via de Straat van Hormuz.
Als die niet snel heropend wordt, komt de sojaoogst van 2026/2027, die komend najaar wordt gezaaid, in het gedrang. Dat kan voor spanningen zorgen in de landbouw, de samenleving, de wereldhandel en zelfs de diplomatie, want de gevolgen van een mislukte oogst zouden voelbaar zijn tot in China en Europa.
Het vooruitzicht van algemene prijsstijgingen zorgt voor grote ongerustheid onder de Braziliaanse bevolking. Bovendien zou ook de rente weer kunnen gaan stijgen als de inflatie hoger uitvalt dan voorzien, terwijl die net een daling had ingezet. De kater die Brazilië aan het oliecarnaval overhoudt, zou dus wel eens even lang kunnen zijn als de Amazonerivier.