Effi Bialkowski: Less is more

Effi Bialkowski: Less is more

Vermogensbeheer
Effi Bialkowski (foto archief Van Lanschot Kempen) 980x600.jpg

Je eigen weg gaan, eigen keuzes maken, eigen oplossingen kiezen. Zij doet het allemaal. Financial Investigator sprak met Effi Bialkowski, Senior Portfoliomanager bij Van Lanschot Kempen.

Door Lies van Rijssen

‘Negentien was ik toen de Berlijnse muur viel. Je hoort wel dat ik uit Duitsland kom. Dat accent ben ik na al die jaren nog steeds niet kwijtgeraakt. Ik ben in de DDR opgegroeid. Het was de bedoeling dat ik ingenieur zou worden. Maar na de val van de muur zag ik dat er ook heel andere studierichtingen mogelijk waren en dat ik ook een totaal ander vak zou kunnen kiezen. Bedrijfseconomie leek me erg interessant. Dat kende allerlei onderdelen, waaronder marketing en fiscaliteit, die we in de DDR niet kenden. Ik wilde daar graag meer van weten en ging die studie doen.

Als volgende stap had ik voor ogen om bij een bank te gaan werken. Dat leek me wel wat. Ik ben in West-Berlijn gaan studeren en had er mijn zinnen op gezet om ook naar het buitenland te gaan. Toen ik mocht deelnemen aan een uitwisselingsprogramma met de Haarlem Business School, greep ik dat met beide handen aan. Daar leerde ik mijn toenmalige vriend kennen. Om die reden ben ik na de voltooiing van mijn studie naar Nederland verhuisd. Ik kon bij ABN AMRO een traineeship doen. Dat was een mooie start voor een loopbaan in de financiële sector en een erg leuk begin.

Nadat ik daar, na mijn traineeship, een paar jaar in dienst was geweest, stapte ik over van ABN AMRO naar Staalbankiers, waar ik als Private Banker werkte. Van 2000 tot 2016 heb ik daar gewerkt. Toen nam Van Lanschot Staalbankiers over en sindsdien werk ik als vermogensbeheerder en beleggingsfondsenspecialist bij Van Lanschot, nu Van Lanschot Kempen.

Ik werk inderdaad alweer een behoorlijke tijd in de financiële sector, maar over een switch naar een andere sector heb ik eerlijk gezegd nog nooit nagedacht. Ik vind mijn werk daarvoor nog steeds veel te leuk.

De meest opvallende ontwikkeling van de afgelopen jaren in onze sector vind ik de omslag naar duurzaamheid. Een ontwikkeling die me persoonlijk natuurlijk aanspreekt, want ook ik wil uiteraard dat mijn kinderen een gezond leven kunnen blijven leiden.

De duurzaamheidsgedachte is heel belangrijk geworden binnen ons werk. Er gaat veel werk zitten in de verduurzaming van ons productaanbod. Wat willen we onze klanten wel aanbieden en wat beslist niet? Beleggingen in tabak, bijvoorbeeld, willen we beslist niet meer ondersteunen. We hebben tabak jaren geleden al volledig uit ons aanbod geschrapt.

 

De meest opvallende ontwikkeling van de afgelopen jaren in onze sector vind ik de omslag naar duurzaamheid.

 

Ook de opmars van alternatieve beleggingen de afgelopen twee, drie jaar, in plaats van de standaardbeleggingen in aandelen of obligaties, is natuurlijk een opvallende ontwikkeling. Dan heb je het over beleggingen die we uitvoeren voor mensen met een groter vermogen die dit voor langere tijd kunnen missen. Dus de wat meer illiquide beleggingen, zoals private equity, niet-beursgenoteerd vastgoed en landbouwgrond. De interesse daarvoor is de afgelopen jaren sterk toegenomen. Wij passen ons aanbod natuurlijk ook aan de veranderende vraag aan.

Ik ga nog even door op het thema duurzaamheid. Duurzaamheid is namelijk typisch zo’n haakje waar je allerlei andere ontwikkelingen aan kunt ophangen. Recent hadden wij een serie sectorfondsen in één van onze vermogensbeheerdiensten. Deze fondsen werden heel veel gebruikt, maar waren niet duurzaam. De fondsen belegden in zaken waarmee we onze klanten niet meer via onze portefeuille wilden confronteren. Het probleem was echter dat er geen andere sectorfondsen beschikbaar waren die wij als alternatief konden inzetten.

Als alternatief hebben wij toen zelf grote fondshuizen benaderd en het probleem uitgelegd: ‘Wij willen verduurzamen, maar dat lukt ons niet alleen. Wie van jullie wil met ons samenwerken aan de ontwikkeling van een nieuwe oplossing?’ Door samenwerking kwam er een nieuw, duurzamer product van de grond. Vervolgens merk je dat je aanbod niet alleen duurzamer is geworden, maar ook nog een stuk goedkoper. Zo werd duurzaamheid ook nog eens een vehikel om onze klanten, en dan bedoel ik ál onze klanten hier, tegen lagere kosten te kunnen gaan bedienen. Dus ook de klanten die niet expliciet om duurzaamheid vragen.

Het streven naar transparantie is ook een ontwikkeling die ik graag wil noemen. In het verleden was er minder transparantie in de advieswereld dan nu het geval is. Veel inzichten van tegenwoordig hadden we domweg nog niet. Nu weten we meer en kunnen we onze klanten veel meer vertellen over de achtergrond en de kostenstructuur van een product. De trend dat fondsen goedkoper moeten worden en dat ook daadwerkelijk worden, zet door. De TCO, de total costs of ownership, moeten we volledig transparant aan onze klanten tonen. In elke rapportage die de deur uitgaat.

 

Ik vind het eigenlijk verbazingwekkend dat diversiteit nog steeds zo’n issue moet zijn. De voordelen zijn evident én daar komt ook nog eens bij dat de krappe arbeidsmarkt gewoon van ons vraagt dat we breed kijken om de mensen te vinden die we zoeken.

 

Informatie over kosten was vroeger ook al beschikbaar, maar werd vaak alleen door grotere klanten met eigen adviseurs opgevraagd. Een normale particuliere klant was vroeger ook niet diepgaand geïnteresseerd in de kosten van een beleggingsfonds. Overigens maken transparantie en meer informatie het niet per definitie makkelijker voor een klant om een product te doorgronden of te kiezen. Het kan ook tot extra vragen en complexiteit leiden. Wij proberen klanten hier altijd zo goed mogelijk in te begeleiden.

Diversiteit lijkt op het eerste gezicht niet direct een rol te spelen in mijn werk. Maar als ik ga lunchen, zie ik wel hoe de samenstelling van ons werknemersbestand veranderd is ten opzichte van een aantal jaar geleden. In ons aannamebeleid houden we rekening met het gegeven dat diversiteit nodig is. Dat is niet alleen onze overtuiging. Uit vele studies blijkt dat diversiteit tot betere besluiten leidt, omdat je meer invalshoeken betrekt in je besluitvorming en vraagstukken van meer kanten bekijkt. Ik hoor hier ook meer Engels om mij heen dan ooit tevoren. Dat leg ik mede uit als een toename van de diversiteit op onze werkvloer. Ik vind het eigenlijk verbazingwekkend dat diversiteit nog steeds zo’n issue moet zijn. De voordelen zijn evident én daar komt ook nog eens bij dat de krappe arbeidsmarkt gewoon van ons vraagt dat we breed kijken om de mensen te vinden die we zoeken.

Less is more. Dat is denk ik ook een belangrijk inzicht dat ik in mijn werk heb opgedaan. We krijgen allemaal een overdaad aan informatie tot ons. We vinden het leuk en belangrijk om goed te communiceren met onze klanten. Als ze willen, kunnen zij de hele dag bezig zijn met het lezen van alle informatie die we voor hen beschikbaar stellen. Regelmatig denk ik: ‘Misschien is dat ook wel té veel. Wat meer focus kan ook belangrijk zijn. Dan hoeven onze klanten minder te zoeken.’

Als je vraagt naar het belangrijkste moment in mijn loopbaan, dan hoor je me niet meteen iets zeggen over een enorme carrièreswitch of iets dergelijks. Nee, voor mij was een belangrijk moment in mijn werkzame leven dat ik kinderen kreeg en moest uitzoeken hoe ik mijn werk vanaf dat moment moest doen. Stoppen met werken of veel minder gaan werken, zoals veel van mijn Nederlandse vrienden ineens gingen doen als zij kinderen kregen, was voor mij helemaal niet aan de orde.

 

Transparantie en meer informatie maken het niet per definitie makkelijker voor een klant om een product te doorgronden of te kiezen.

 

Opgegroeid in de DDR kijk ik daar echt anders tegenaan. Daar kwam het helemaal niet voor dat vrouwen niet werkten. Ik dacht er wel over na dat het werk dat ik hád misschien niet meer zo paste in mijn nieuwe leven. Het leek me bijvoorbeeld ineens wel fijn om ’s avonds op tijd thuis te kunnen zijn. Tja, als je in een commerciële setting werkt, word je toch al snel geacht om borrels te bezoeken. Beleggen, dat altijd al onderdeel van mijn werk was, bleek toen beter bij mijn veranderde levenssituatie te passen. Ik koos voor een verschuiving in mijn werk, maar niet door een totaal andere richting op te gaan of mijn werk geheel te laten vallen. Ik besloot om van private banking naar vermogensbeheer te switchen: een kind-gedreven verschuiving.

De sluitingstijd van de crèche hier, dat was wel een uitdaging voor mij. Mijn partner kon niet altijd bijspringen; hij zat veel in het buitenland voor zijn werk. Ik moest alleen zien te regelen dat onze kinderen tijdig werden afgehaald. Thuiswerken bestond nog niet echt, dat is pas na corona volledig geaccepteerd geraakt. Relaxt een uurtje overwerken was er dus niet meer bij. Ik moest zorgen dat mijn werk op tijd af was. Dat heeft mij geleerd heel erg efficiënt te gaan werken, echt een efficiencyslag te leveren.

In de DDR kon je overigens heel goed werken met kinderen. Je had daar ook geen ongelijke betaling tussen mannen en vrouwen voor hetzelfde werk zoals hier heel lang gespeeld heeft en misschien nog wel speelt. Je leert wel snel dat je daar alert op moet zijn. Het begrip emancipatie kenden we in de DDR trouwens ook niet. Het speelde gewoon niet en was dus geen thema in die zin.

Wat inspireert mij en zorgt dat ik verder kan? Feedback krijgen en gewaardeerd worden voor wat ik doe, motiveert mij zeker. Ik hoor graag dat onze klanten blij zijn met onze beleggingsdiensten. En dat ze dat doorvertellen aan hun vrienden en kennissen.

Ook mijn (puber)kinderen voorzien me graag van feedback. Die is niet altijd positief, maar als dat wel zo is, dan koester ik dat! Ik ben, anders dan je misschien zou denken, géén workaholic. Ik heb een heel leuk leven naast mijn werk. Ik onderneem veel met mijn vriend en met vrienden, drink graag borrels met ze, houd van sporten: tennis, golf, padel, zwemmen en wandelen vind ik allemaal leuk. Ook mijn familie is belangrijk voor me. En ja, ik houd ook van mijn werk!’

 

Effi Bialkowski

Effi Bialkowski begon haar loopbaan bij ABN AMRO, waar ze na een traineeship in 1997 Accountmanager werd. In 2000 stapte ze over naar Staalbankiers, waar ze bijna 17 jaar werkte, eerst als Private Banker en vanaf 2008 als Senior Portfolio Manager. Dat is ze nog steeds, maar nu in dienst van Van Lanschot Kempen, dat Staalbankiers in 2016 overnam.

Bijlagen