Derde uitvraag DNB over de transitie naar het nieuwe pensioenstelsel

Derde uitvraag DNB over de transitie naar het nieuwe pensioenstelsel

Pensioenstelsel
Pensioencontract (01)

Vandaag stuurt DNB een derde vragenlijst over de transitie naar een nieuwe pensioenregeling naar pensioenfondsen. 

DNB roept pensioenfondsbesturen op om hun operationele wendbaarheid zo te beheersen dat zij de integere en beheerste bedrijfsvoering nu en in de toekomst kunnen waarborgen. Daarom beoordeelt DNB ook dit jaar via uitvragen en onderzoeken of een instelling op dit moment voldoende is voorbereid op de toekomstige transitie naar de nieuwe pensioenregeling. 

Het doel van deze uitvraag is inzicht verkrijgen in de voorbereidingen die pensioenfondsen treffen voor de transitie naar een nieuwe pensioenregeling en de daarbij relevante risico's. DNB wil namelijk haar toezichtcapaciteit daar inzetten waar de grootste risico's bestaan. De vragenlijst bevat vragen over het stappenplan (mijlpalen) van pensioenfondsen om over te gaan naar het nieuwe pensioenstelsel.  Vervolgens worden verdiepende vragen gesteld over de onderwerpen governance, datakwaliteit, operationele wendbaarheid, risicohouding, koppeling vermogensbeheer aan pensioenbeheer en communicatie. 

Om de operationele wendbaarheid zo goed mogelijk te beheersen, roept DNB pensioenfondsbesturen op aandacht te houden voor in elk geval de volgende zaken:

  1. Het pensioenfonds richt een transitie-organisatie in die passend is voor de omvang van het fonds en de complexiteit van de transitie. Deze transitie-organisatie is zowel qua kennis als beschikbare tijd voldoende bemenst op basis van een gap analyse gericht op specifieke kennis en competenties die nodig zijn om de NPR doelen te behalen.
  2. Het pensioenfonds heeft op basis van een impactanalyse voor de transitie een integraal project- of programmaplan opgesteld, waarin de belangrijkste fasen en de onderlinge afhankelijkheden van de verschillende stappen/onderdelen worden onderkend met waar nodig mitigerende maatregelen en fall back scenario’s. 
  3. Het pensioenfonds heeft een duidelijk en actueel beeld van de aanpassingen die de PUO (softwareleverancier indien sprake is van een zelfadministrerend fonds) in systemen en processen moet doorvoeren om klaar te zijn voor de transitie, inclusief tijdslijnen. Tevens voert het fonds actief de regie richting de PUO (softwareleverancier indien sprake is van een zelfadministrerend fonds) om te zorgen dat deze aanpassingen beheerst en tijdig worden uitgevoerd.
  4. Zowel het pensioenfondsbestuur als de belangrijkste stakeholders worden periodiek geïnformeerd over de integrale voortgang van het project, de risico’s en de eventuele knelpunten.

Tot slot wil DNB pensioenfondsbesturen meegeven dat een externe assurance rapportage met een ‘forward looking’ karakter een instrument kan zijn om de invulling van bovenstaande punten op haalbaarheid en doeltreffendheid te toetsen en daarmee de operationele wendbaarheid te waarborgen.