Han Dieperink: Hogere rente goed voor de economie

Han Dieperink: Hogere rente goed voor de economie

Inflation Interest Rates Recession (threat)
Han Dieperink (Cor Salverius Fotografie) 980x600.jpg

Door Han Dieperink, geschreven op persoonlijke titel

Deze week zal de Federal Reserve de rente met 75 en mogelijk zelfs met 100 basispunten verhogen. Na de Amerikaanse inflatiecijfers van vorige week dinsdag is wederom duidelijk geworden dat inflatie alleszins een tijdelijk fenomeen is. Het was meteen de slechtste dag voor de Amerikaanse beurs sinds juni 2020.

Nog maar enkele weken geleden was het narratief op de aandelenmarkten dat er een wereldwijde recessie op komst was. Maar in de Amerikaanse arbeidsmarkt zijn dit jaar 3,5 miljoen banen gecreëerd en de industriële productie groeit het hele jaar al met ten minste 3%. Het consumentenvertrouwen staat weliswaar op een historisch dieptepunt, maar consumenten zelf blijven uitgeven.

Averechtse gevolgen van de lage rente

Een van de redenen dat consumenten meer besteden en ondernemers meer investeren, is dat de rente stijgt. Toen de rente daalde naar het nulpunt of zelfs daaronder, gingen centrale bankiers er onterecht vanuit dat mensen zouden stoppen met sparen en meer zouden gaan consumeren. Het tegenovergestelde bleek het geval: door de lage rente en het bijbehorende signaal dat het bijzondere tijden waren, werd er juist meer gespaard.

Ondernemers wisten ook dat een rente van 0% niet kon kloppen. Met de rente op 0% heeft geld geen tijdswaarde meer en is het onmogelijk om op basis daarvan beleggingsbeslissingen te nemen. Beter is het om met geleend geld te investeren in bestaande assets, zoals het inkopen van eigen aandelen. Een te lage rente leidt tot zeepbellen, niet tot meer consumptie of meer investeringen.

Gunstige gevolgen van de stijgende rente

Nu de rente stijgt, zijn ook commerciële banken weer bereid om krediet te verlenen. Met een rente op 0% is er weinig ruimte om marges door te berekenen, maar dat lukt dankzij de stijgende rente nu wel. Spaarders hoeven minder te sparen en de hoge rente is ook nog eens het gevolg van meer inflatie. Dat betekent meer vraag dan aanbod: een signaal dat er moet worden geïnvesteerd.

Het bijzondere fenomeen doet zich nu dus voor dat renteverhogingen een positief effect hebben op de economische groei. Om de groei te remmen zal de rente nog veel verder omhoog moeten, totdat er sprake is van een positieve reële rente en de rente ook duidelijk boven de neutrale rente staat.

Circa de helft van al het inkomen in de Verenigde Staten komt binnen bij huishoudens die meer dan 100.000 dollar per jaar verdienen. De meeste van deze huishoudens bezitten een huis dat ze hebben afbetaald of gefinancierd met een hypotheek op een historisch lage rente van minder dan 3% voor de komende dertig jaar. Het feit dat dezelfde hypotheekrente is opgelopen tot boven de 6% raakt deze mensen niet. Tegelijkertijd stijgt hun loon wel met circa 6,5%.

Deze mensen hebben niet minder, maar juist meer te besteden door de hoge inflatie en de stijgende rente. Niet zo vreemd dus dat winkels die zich vooral richten op het hogere segment prima draaien. Lagere inkomens hebben veel meer last van hogere huren en hogere voedselprijzen: een extra dilemma voor de Federal Reserve.

De hogere inkomens beleggen vaak ook een deel van hun vermogen en hebben nu meer te kiezen. Ze kunnen het weer veilig beleggen in kortlopend Amerikaans staatspapier tegen een rente van 3,75%. Het winstrendement op aandelen (het omgekeerde van de koers-winstverhouding) is 5,9%. Dat gat is wel eens groter geweest.

Gevolgen van de stijgende rente voor aandelen

Hogere rentes zijn niet goed voor de waardering van aandelen, maar een (winst)recessie is dat uiteraard ook niet. Het lijkt dan niet zo veel uit te maken of het vuur van de inflatie of het ijs van de recessie de koersen onder druk zal zetten. Winsttaxaties voor de S&P 500 zijn nog altijd hoog en de hoge winstmarges ogen kwetsbaar.

Dat geldt niet voor Chinese aandelen, waar al het slechte nieuws wel verdisconteerd lijkt te zitten in de taxaties. Europa is een beetje een geval apart. Europese aandelen zijn goedkoop, maar er zijn voldoende redenen te bedenken waarom ze goedkoop zouden moeten blijven.

Toch kruipt er geleidelijk een positiever scenario naar voren. De hoge gas- en elektriciteitsprijzen zullen er mogelijk al deze winter voor zorgen dat deze prijzen sterk zullen dalen. En aangezien de inflatie in Europa feitelijk voor het overgrote deel te wijten is aan de energieprijzen, kan de inflatie in Europa dus veel sneller dalen dan in de Verenigde Staten.

Dat betekent ook dat de ECB de rente veel minder de rente hoeft te verhogen dan de Federal Reserve en mogelijk ook eerder kan stoppen. Nu hangen de oorlog in de Oekraïne en de verkiezingen in Italië nog als een donkere wolk boven Europa, maar alle twee zijn per definitie tijdelijk. Als dan ook nog eens de Amerikaanse dollar draait, dan is dat wellicht het moment in de zon voor Europese aandelen.

Op naar een wereldwijd herstel?

Op het moment dat Europa en China volgend jaar herstellen en de rente in de Verenigde Staten nog steeds niet boven de kerninflatie is uitgekomen, krijgen we dus in plaats van een wereldwijde recessie een wereldwijd herstel.

De grote vraag blijft of Jerome Powell net als Paul Volcker in staat zal zijn de Amerikaanse economie in een stevige recessie te duwen. Zo’n diepe recessie lijkt bijna niet mogelijk voor 2024. Of Powell moet nog harder op de rem gaan staan. Volcker verhoogde de rente wel eens met 300 basispunten in één keer. Wellicht dat een volgende stap van 100 basispunten voldoende is om markten te laten realiseren dat het ernst is en zelfs dat is waarschijnlijk niet voldoende om een stevige recessie te veroorzaken.