Thijs Jochems: Economische groei gaat de westerse democratie niet redden

Thijs Jochems: Economische groei gaat de westerse democratie niet redden

Economy Politics
Thijs Jochems_980x600.jpg

Een level playing field in zowel economisch, juridisch als sociaal opzicht is een noodzakelijke voorwaarde om van fair democracy te kunnen spreken1 . Groeiende ongelijkheid en de opkomst van populistische partijen zijn beide bronnen voor en tekenen van toenemende onvrede. Waarom staat de democratie in de westerse samenleving, en dus ook in Nederland onder het kabinet Rutte IV, steeds meer onder druk?
 
Door Thijs Jochems, Adviseur en Private Investor

 

Door de eeuwen heen is in elke samenleving de inrichting ervan grotendeels bepaald door de elite. In een democratie zijn er spelregels die de macht van die elite beteugelen. Spelregels waarvan het bestaan door het parlement, de onafhankelijke pers en het juridische apparaat zouden moeten worden bewaakt. Dat maakt namelijk hét verschil tussen een autocratie/ dictatuur en een democratie2. Om als politiek systeem te kunnen overleven, zullen de westerse democratieën de economische, juridische en sociale issues moeten oplossen. Ik wil deze issues in mijn komende columns verder gaan bevragen. In deze column belicht ik vooral de economische issues.

Het belangrijkste issue in de westerse democratieën vormt de groeiende ongelijkheid in inkomens- en vermogensverdeling. Het aloude mantra ‘met economische groei kunnen we dit probleem oplossen’ gaat in elk geval niet op. De scheefheid van de verdeling van inkomens en vermogens neemt, ook na perioden van behoorlijke economische groei in de laatste decennia, alleen maar toe. De verklaringen hiervoor verschillen. Thomas Piketty, Daron Acemoglu en anderen hebben verschillende oorzaken voor deze scheefgroei aangedragen. Onderzoeken van de OECD, het IMF over de periode 1993-2014 (onder anderen Loukas Karabarbounis en Brent Neiman, 2014) en meer recent Linksanalytics (2021) laten zien dat er een door innovatie/technologie gedreven ontwikkeling is. Die zou ‘automatisch’ leiden tot een schevere inkomensverdeling.

Samengevat komt het erop neer dat er in de laatste decennia door voortschrijdende automatisering steeds minder banen in de hoogproductieve sectoren van de economie zijn. Het verlies van banen in die sectoren, mede in combinatie met de in die periode gegroeide beroepsbevolking, heeft tot een toename van banen in laagproductieve sectoren geleid. Ergo, een steeds kleiner deel van de werkenden is in staat om een hoog inkomen te verdienen en een steeds groter deel heeft door haar lagere Toegevoegde Waarde een lager/laag inkomen.

De toenemende scheefheid in vermogensverdeling kent meerdere oorzaken, maar een belangrijke is hoe we Intellectual Property in de westerse samenleving bepalen en beschermen. Innovaties zijn nooit het werk van één briljante innovator, maar een opeenvolging van (mislukte) pogingen, totdat er een ‘winnende nieuwe combinatie’ wordt gevonden. Volgens onder anderen Rebecca Henderson (Reimagining Capitalism in a World on Fire) wordt fundamentele research, benodigd voor disruptive innovations, met name door overheden gefinancierd. Volgens Henderson verdient bijvoorbeeld de farmaceutische sector miljarden aan medicijnen, terwijl de benodigde fundamentele research meestal op universiteiten wordt uitgevoerd en niet door farma.

Welke oorzaken je ook ziet voor de toenemende scheefheid, alle analyses wijzen erop dat die toenemende scheefheid meer het gevolg is van onomkeerbare ontwikkelingen in de samenleving dan van keuzes van de individuele burger. De scheefheid in de vermogensverdeling is maar deels van economische aard. Het zijn vooral politieke keuzes en niet zozeer economische inzichten die bepalen hoe ‘level’ het economische ‘playing field’ is en zal worden. Een van de kritiekpunten op het kabinet Rutte IV is dat er maar twee kabinetsleden zijn (we nemen de staatssecretarissen mee) met een economische opleiding. Indien we naar de politieke aard van de economische problemen kijken, duidt dat er wellicht op dat dit kabinet het politieke gehalte van deze problemen onderkent.

 

  1. How Democracies Die: Steven Levitsky, Daniel Ziblatt
  2. Why Nations Fail: Daron Acemoglu, James A. Robinson

 

 

Attachments