Andy Langenkamp: Koude Oorlog met een twist

Andy Langenkamp: Koude Oorlog met een twist

China Europa Rusland Verenigde Staten Politiek
Andy Langenkamp_980x600.jpg

De huidige geopolitieke onrust is een voorbode voor verder oplopende mondiale spanningen.
 
Door Andy Langenkamp, Senior Political Analyst bij ECR Research

 

De Oekraïne-oorlog past in het plaatje van een nieuwe Koude Oorlog, met de sterk oplopende spanningen tussen het Westen (inclusief onder andere Australië en Japan) en zijn tegenstrevers.

Er zijn echter wel de nodige verschillen met de situatie van vóór 1990:

  • China en Rusland hebben stuivertje gewisseld als grootste uitdager en junior partner.
  • Het centrum van de geopolitieke strijd en het zwaartepunt van de wereldeconomie zijn opgeschoven naar het Oosten.
  • Voor het eerst in de geschiedenis zijn China en de Verenigde Staten gelijktijdig grootmachten.

Sommige experts leggen het belangrijkste naoorlogse geopolitieke kantelpunt niet bij 1989-1991, maar bij 1979 en stellen dat de Koude Oorlog nooit is weggeweest:

  • China zette stappen richting een meer open en marktgestuurde economie.
  • De politieke islam zette zichzelf op de kaart met de Iraanse revolutie.
  • Het Westen betrad het Reagan-Thatcher-tijdperk, met grote economische hervormingen en het steeds verder doorvoeren van het marktdenken.

Na de val van de Sovjet-Unie probeerde Amerika het concept ‘Westen’ te verbreden tot ‘liberale internationale orde’ om zo ook Rusland en China plek te kunnen bieden, in de hoop dat dergelijke staten op den duur ook politiek zouden hervormen. Maar de drie grote Euraziatische beschavingen – China, Iran en Rusland – lieten zich niet inpalmen of omturnen.

De huidige geopolitieke turbulentie zal aanhouden door de volgende ontwikkelingen:

  • De politieke islam heeft volgens sommigen het eigen failliet aangetoond, maar daar denken ze in onder meer Teheran en Ankara anders over (en om het breder te trekken: hindoe-nationalisme is in India al jaren in opmars).
  • De onstuimige opkomst van China loopt tegen grote obstakels aan in de vorm van ontwikkelingen als demografische beperkingen, de zogenaamde middle income trap en de naar persoonsverheerlijking neigende cultus rondom Xi Jinping. Tegelijk heeft China nu politiek, economisch en militair zo’n statuur bereikt, dat veel landen er erg zenuwachtig van worden.
  • Het denken van Reagan en Thatcher en de daaruit voortkomende Derde Weg van Clinton, Blair en Kok hebben hun beste tijd gehad.
  • Het Westen worstelt enorm met het nieuwe soort dictator. In het verleden zag je vooral zogenaamde fear dictators, die leunden op terreur, angst, geweld en het leger. Nu zie je steeds meer spin dictators, die camouflagekleding hebben omgeruild voor een pak en die op subtielere wijze de teugels strak in handen houden. Het gevaar is dat die nieuwe autocraten door ogenschijnlijke beschaafdheid en mildheid voor bepaalde delen van het westerse electoraat acceptabel lijken en dat ze van binnenuit westerse samenlevingen uithollen.
  • Amerika krijgt het moeilijker om de mondiale teugels in handen te houden. Al is het maar vanwege interne problemen. Het Amerikaanse politiek-economische model werkt voor steeds minder Amerikanen. De drie essentiële componenten voor een middenklasse-bestaan verdwijnen voor velen uit zicht, in het Engels aangeduid met de drie H’s: Housing, Health Care & Higher Education. Dit maakt niet alleen dat Amerika moeilijker kan opstaan tegen andere grootmachten, maar ook dat de Amerikaanse samenleving voor andere landen steeds minder een ideaal is om na te streven.

 

 

Bijlagen