AF Advisors: Hoe verschillen de portefeuilles van institutionele beleggers?
Menig Nederlander belegt. Als het niet via een eigen beleggingsrekening is, dan is het wel als onderdeel van een hypotheek, een verzekering of het pensioen. Toch beleggen maar weinigen voor hun plezier. Zij die vol passie spreken over hun rendementen, zullen waarschijnlijk eerder met enig geluk aan het speculeren zijn dan dat ze beleggen.
Door Jasper Haak, Managing Partner, AF Advisors
De doelstelling die bijna alle beleggingen echter gemeen hebben, is dat ze gericht zijn op de oudedagsvoorziening. Beleggen als onderdeel van een pensioenfonds of een levensverzekering staat hier logischerwijs in het teken van, maar ook veel bancaire beleggers gebruiken hun geld voor pensioen, of in ieder geval als aanvulling daarop.
In het verleden was het moeilijk om portefeuilles van een pensioenfonds te vergelijken met bancaire portefeuilles. Het beleggingsbeleid van een pensioenfonds had als doelstelling om een zo goed mogelijk pensioen te realiseren, gegeven de ambities en de verplichtingen die voortvloeien uit het deelnemersbestand. Dit betekent beleggen in een collectieve portefeuille met een collectief beleggingsbeleid.
Gevolgen van de pensioenhervorming
De pensioenhervorming verandert dit ten dele. Er wordt nog steeds collectief belegd, maar niet langer met één collectief beleggingsbeleid. Dat verschilt per deelnemer of per deelnemersgroep. Bij de flexibele premieregeling gebeurt dit via een expliciete lifecycle en bij de solidaire premieregeling via een de facto lifecycle met een beleggingsbeleid per leeftijdsgroep. Het risico wordt afgebouwd naarmate de deelnemer dichter bij zijn of haar pensioen komt. Dit alles betekent dat het nu beter mogelijk is om het beleggingsbeleid voor pensioen te vergelijken tussen beleggingen via pensioenfondsen, verzekeraars en banken.
Hoewel er nu meer overeenkomsten zijn, blijven er verschillen bestaan. Pensioenfondsen delen nog steeds het langlevenrisico en hebben een aantal mogelijkheden om de pensioenuitkering wat stabieler te maken. Banken zullen rekening moeten houden met de behoefte van hun klanten om toch eerder het geld op te nemen voor andere doeleinden.
Beleggingsmix
Wat hebben de bancaire, verzekerings- en pensioenportefeuilles gemeen? Bij alle drie wordt het risico over de tijd afgebouwd. Bij pensioenfondsen met een solidaire premieregeling en bij banken vaak in een trapsgewijze structuur, terwijl verzekeraars en pensioenfondsen dit met een flexibele premieregeling doorgaans geleidelijker aan kunnen doen.
Een duidelijk verschil zit in de beleggingsmix voor deelnemers ruim vóór hun pensioen. In bancaire portefeuilles wordt het risicoprofiel bepaald door de klant, geadviseerd door de private banker. Bij pensioenproducten van verzekeraars en flexibele premieregelingen van pensioenfondsen is er ook vaak keuze tussen verschillende risicoprofielen. Deze keuze maakt de klant zelfstandig op basis van een keuze-architectuur. Bij solidaire premieregelingen van pensioenfondsen is er geen keuze en wordt de beleggingsmix bepaald door de leeftijd van de deelnemer. Wat alle drie de typen beleggingsportefeuilles gemeen hebben, is dat er voor jongere deelnemers over het algemeen relatief weinig risico wordt genomen.
Beleggingscategorieën
Alle drie de typen portefeuilles kennen goed gespreide beleggingen. De mate van spreiding verschilt wel. Pensioenfondsen beleggen naast aandelen en obligaties ook in private markten. Voor banken en verzekeraars is dit niet vanzelfsprekend. Verzekeraars beleggen in hun pensioenproducten inmiddels in Nederlandse hypotheken, maar beleggen in andere private markt-categorieën is eerder een uitzondering. In de meeste beheerportefeuilles van banken spelen private markten geen rol. In adviesportefeuilles worden private markten, zoals vastgoed, private equity, infrastructuur en private debt, wel steeds vaker opgenomen.
Beleggingsrapportages
Banken zijn gewend om hun klanten inzicht te geven in de samenstelling en de rendementen van de beleggingsportefeuille. Dit gebeurt met name met eigen rapportages. Dit is iets wat redelijk nieuw is voor pensioenfondsen. Veel pensioenfondsen geven deelnemers beperkt inzicht in de beleggingsportefeuille via het jaarverslag, eventueel aangevuld met periodieke berichten op de website van het pensioenfonds. De pensioenproducten van verzekeraars zitten hiertussen in. Ook daar is de informatie over de beleggingen vaak summier.
Vooruitblik
De toekomst zal leren of de verschillen tussen deze portefeuilles kleiner gaan worden. Zullen banken ook meer met lifecycles gaan werken voor hun klanten? Gaan banken en verzekeraars voor hun klanten meer in private markten beleggen? Gaan verzekeraars en pensioenfondsen betere rapportages voor hun deelnemers maken? Nu er meer concurrentie komt tussen tweede pijler en derde pijler pensioenproducten, zal er vaker naar elkaar gekeken worden. En dat betekent vaak ook dat de portefeuilles meer op elkaar gaan lijken: lifecycle beleggen, deels in private markten en met goede rapportages.