Pim Poppe: Tech weg?
Pim Poppe: Tech weg?
Door Pim Poppe, Managing Partner bij Probability & Partners
Heeft u het DNB-rapport ‘Risico’s voor Financiële Instellingen door de Blootstelling aan Techaandelen’ gelezen? Ik wel. Vandaag. Het rapport kwam vlak voor Kerst uit en heeft daardoor misschien niet de aandacht gekregen die het verdient. Ik heb op het rapport gekauwd en het is de moeite waard om er even bij stil te staan.
Het DNB-rapport is te vergelijken met onze eigen reflecties op het onderwerp ‘techallocatie in geopolitieke tijden’. Wat zijn de verschillen en overeenkomsten?
De rol van techbedrijven in de maatschappij in het algemeen en de waarderingen daarvan in het bijzonder hebben bij Probability sinds augustus 2024 de aandacht. Wij beschouwen het spel rond techbedrijven sindsdien als een onlosmakelijk onderdeel van de geopolitieke dynamiek. Techbedrijven zijn instrumenten, slachtoffers, wapens, en zowel winnaars als verliezers in de geopolitieke strubbelingen. Daarom zijn we binnen onze organisatie al eerder begonnen met het bouwen van scenario’s rondom techaandelen. Wij vinden het belangrijk dat verzekeraars, pensioenfondsen en andere vermogensbeheerders nadenken over tech in hun asset allocatie. Het DNB-rapport biedt een goede aanleiding om dit onderwerp opnieuw onder de aandacht te brengen en op te pakken.
Relevant?
Ik ben het eens met DNB: de waardering van techaandelen is relevant voor pensioenfondsen en verzekeraars. Ja, techaandelen zijn volatiel. Ja, ze zijn kwetsbaar voor renteschommelingen, geopolitieke fragmentatie, innovaties, en antitrustzaken. De waarderingen van techbedrijven zijn hoog en afhankelijk van toekomstige winstverwachtingen, waardoor ze kwetsbaar zijn voor tegenvallers in winstgroei. Een aparte analyse van techaandelen, wegingen en risico's is inderdaad gepast naar onze smaak.
Weging te hoog geworden?
Ja, de weging van tech in portefeuilles valt op en is zorgwekkend groot geworden, zowel in wereldindexen als in Amerikaanse indexen, maar, veel belangrijker, óók in de daadwerkelijke portefeuilles van Nederlandse pensioenfondsen en verzekeraars. De toegevoegde waarde van het DNB-rapport is dat het in detail ingaat op de werkelijke portefeuilles van Nederlandse pensioenfondsen en verzekeraars. Wat ook opmerkelijk is, is dat bij meerdere pensioenfondsen meer dan de helft van de portefeuille uit techaandelen bestaat. Dit was voor mij een eye-opener. Eens, de wegingen van tech in aandelen zijn opgelopen en verdienen aandacht. Volgens DNB zou er aandacht moeten zijn voor een abrupte correctie. Dat lijkt me ook verstandig.
Even een reflectie. Indien techaandelen nu dalen naar een niveau van twee of drie jaar geleden, vergaat dan de wereld? Deze gedachte biedt een gelegenheid voor een interessante oefening: trek je huidige portefeuille omgekeerd door de geschiedenis heen en kijk of je het verlies kunt dragen.
Opwaarts risico?
Wat DNB niet beschrijft, is het mogelijke opwaartse risico en de FOMO (fear of missing out). Dit risico wordt niet genoemd. In onze GPR-sessies met pensioenfondsbesturen zien we dat FOMO-argumenten een rol spelen. Er wordt vaak geroepen dat als we anderhalf jaar geleden techaandelen hadden afgebouwd, we aanzienlijke koerswinsten zouden hebben misgelopen. Dat is natuurlijk een valide punt en zelfs nu geldt dat koersen mogelijk verder kunnen stijgen en dat afbouwen leidt tot opportunity loss. Dus vooruitkijkend is er ook een tech-FOMO.
Een ander argument voor opwaarts risico is de samenwerking tussen de Amerikaanse overheid en techbedrijven. Het lijkt erop dat Trump met zijn ‘America First’-gedachte de techbedrijven wil ondersteunen, ook in antitrustzaken en consumentenbescherming in Europa. Dit is een geopolitiek machtsspel waar bedrijven en overheden samen optrekken. Mocht de Trump-Tech-coalitie slagen, dan liggen er natuurlijk nog grotere winsten in het verschiet voor techbedrijven. Hoe dit geopolitieke spel verder zal verlopen, blijft ongewis. Maar verdere outperformance van tech kan niet uitgesloten worden.
Risk appetite?
DNB zegt ergens: ‘Het is essentieel dat de blootstelling aan techaandelen van financiële instellingen binnen de door hen vastgestelde risk appetite blijft.’ Dit begrijp ik niet helemaal. Wij kennen geen pensioenfondsen met een risk appetite die iets zegt over blootstelling aan techaandelen. Dat ontbreekt gewoon. Wat ons betreft is er een tussenstap nodig. Het is essentieel dat de blootstelling van financiële instellingen aan techaandelen op een weldoordachte wijze wordt begrensd door de risk appetite.
Scenario’s?
Het is momenteel nog te vroeg om te zeggen of AI werkelijk tot echte productiviteitstijgingen zal leiden. De meningen hierover zijn verdeeld. Er zijn zowel gelovers als sceptici. Het zou heel goed kunnen dat 2026 het jaar van de waarheid wordt in de reële economie. Gaan bedrijven echt efficiënter werken door AI? Zo nee, dan zullen de techaandelen wel een dreun krijgen. Zo ja, dan is de nog belangrijkere vraag aan wie deze efficiency gain gaat toevallen: de aandeelhouder, de klant of de werknemer.
Conclusie
Het rapport van DNB is belangrijk. We adviseren alle pensioenfondsen en verzekeraars om het rapport van DNB te lezen en het een plek te geven in hun risicomanagement en assetallocatie. We hebben wel enkele aanvullingen. Ten eerste: houd ondanks hoge waarderingen ook rekening met een opwaarts risico. Ten tweede: vul de risk appetite en limieten aan met begrenzingen voor techwegingen. Ten derde: werk met scenario’s. En ten vierde: houdt het risicobeheersingsraamwerk actueel.