M&G Outlook: Japanse en Europese aandelen aantrekkelijk

M&G Outlook: Japanse en Europese aandelen aantrekkelijk

Emerging Markets Italy
Wereld.jpg

De industriële activiteit neemt wereldwijd af, zo blijkt uit de meest recente inkoopmanagersindexen. De Markit-PMI voor de maakindustrie in de eurozone, China en de opkomende landen staat op respectievelijk 47,6, 49,4 en 49,9. In de VS gaat het iets beter, maar wel met een gedaalde ISM-index van 51,7. De wereldhandel vertraagt vooral door de gespannen handelsrelaties tussen China en de VS en dat drukt op zijn beurt weer op de export van goederen en remt de verwachtingen voor de groei van de wereldeconomie. Toch blijft die groei in 2019 en 2020 boven de 3%, verwacht Florent Delorme, macro-analist bij vermogensbeheerder M&G.

De Amerikaanse economie hield het beste stand. Het consumentenvertrouwen bevindt zich daar op een hoogtepunt en de bijbehorende uitgaven stijgen met 4,2% op jaarbasis. Dit compenseert deels de slechte cijfers die bij vooral de Aziatische maakindustrie van de band rollen. De Koreaanse export kelderde in juni (jaar op jaar) met maar liefst 13,5% en de Japanse, Australische, Maleisische, Zuid-Koreaanse en Taiwanese Markit-PMI dook in juni onder de 50-puntengrens.

Het feit dat de Chinese groei ondanks de stimuleringsmaatregelen van de afgelopen maanden niet wezenlijk opveert, zorgt voor onrust. Deze is waarschijnlijk van tijdelijke aard, gezien er weer flink wordt geleend en dat leidt doorgaans tot hogere investeringen en meer consumentenuitgaven. We vertrouwen erop dat de Chinese overheid de economie weer meer lucht inblaast. 

Olieprijs kan importlanden pijn doen

Ook de spanningen tussen de VS en Iran moeten in de gaten worden gehouden. Een acceleratie van de olieprijs kan importerende landen, met name de Europese Unie en de Volksrepubliek, behoorlijk pijn doen. Dat gezegd hebbende, spelen op dit moment Rusland en de VS de centrale rol in de wereldwijde olieproductie en het aanbod overtreft momenteel de vraag. Het is dan ook geen reëel gevaar dat nieuwe incidenten in de Straat van Hormuz (waarbij olietankers gehinderd kunnen worden) de olieprijzen zo doen stijgen dat de wereldwijde bedrijvigheid eronder lijdt.

De financiële markten lijken weinig last te hebben van het sombere klimaat. De Amerikaanse indices vestigen record op record. Liquiditeit ligt immers in het verschiet. Zowel de Fed als de ECB hebben renteverlagingen aangekondigd en de ECB overweegt zelfs haar monetaire versoepelingsbeleid nieuw leven in te blazen. Het aanstaande ECB-voorzitterschap van Christine Lagarde maakt dit scenario nog waarschijnlijker aangezien zij als voorzitter van het IMF het beleid van Mario Draghi de afgelopen jaren altijd steunde. Het feit dat de twee centrale banken redelijk in de pas lopen met elkaar, schraagt de aandelen- en obligatiemarkten. Het effect van de vertraging van de wereldwijde groei op de koersen wordt waarschijnlijk ruimschoots gecompenseerd door renteverlagingen die de centrale banken doorvoeren.

In deze context houden we vast aan onze blootstellingen aan risicoactiva en geven de voorkeur aan Europese en Japanse aandelen, waarvan de waarderingen achterblijven bij die op de Amerikaanse markt. We verwachten echter dat deze snel een inhaalbeweging zullen maken. We geloven ook sterk in obligaties in lokale valuta uit opkomende landen, omdat het risico stevig wordt beloond en het soepele beleid van de Fed voordelig uitvalt voor deze beleggingscategorie. Investment grade obligaties met een BBB-rating in dollars en ponden, hebben nog altijd potentieel. Tot slot biedt ook Italiaans staatspapier mooie beleggingskansen.