|
De onderliggende risico’s voor inflatie zijn de afgelopen maanden wereldwijd iets afgenomen. Deels is dit te danken aan de groeivertraging die wereldwijd waarneembaar is geweest, waarbij vooral de recente cijfers uit de industriële sector aangeven dat er een pas op de plaats is gemaakt. Daarnaast zien we dat er een stevige correctie heeft plaatsgevonden op de grondstoffenmarkten. Met name de belangrijke olieprijzen hebben sinds begin mei een behoorlijke correctie laten zien, waarbij de prijs van een vat olie terug is op het niveau van het begin van het jaar. Met enige vertraging zal deze daling ook terugkomen in de inflatiecijfers. Wat de opkomende markten betreft is de inflatie nog steeds aan de hoge kant, maar is er – met uitzondering van de Chinese inflatie die gestegen is naar 5,5% – geen sprake geweest van een verdere verslechtering. Het gevaar bestaat dat de hogere inflatie in de opkomende markten eveneens tot een stijging van de inflatie in de Westerse wereld zal gaan leiden. Echter, zolang de Chinese yuan (en de munten van andere opkomende landen) in waarde blijft dalen ten opzichte van de euro, lijkt dit eerder een gevaar voor de VS dan voor Europa. |